pers | english | deutsch | presse | data | curriculae | productie archief | programma archief
Grand Theatre Producties


& Prime Orkestra

Myrrh and cinnamon
coproductie met Prime




Het dansconcert MYRRH AND CINNAMON is geïnspireerd op het bijbelse Hooglied, een oud gedicht over liefde, erotiek en volharding. De tweede inspiratiebron is het werk van vier Estlandse componisten. De composities zijn van de bekende Arvo Pärt en drie in Nederland minder bekende Estlanders: Lepo Sumera, Märt-Matis Lill en Erkki-Sven Tüür. De muziek wordt live uitgevoerd door zes musici van het Prime Orkestra.
Eerdere producties van Club guy & roni waren: A green old man (2001), 5 shorts (zum befreiungsdreck) (2002), The Language of walls (2003) en Barbie Q (2004), allen coproducties met het Grand Theatre.
De uitgevoerde muziek biedt een fraai panorama op de moderne Estlandse muziek. Het werk van Sumera is bijvoorbeeld transparant, spaarzaam; Tüür gebruikt, vanuit zijn oorspronkelijke rockachtergrond, een stevig en minimal-achtig idioom. De live-muziek in de productie komt tot stand op basis van adviezen van Stichting Prime, een werkplaats voor hedendaagse muziek in Groningen. Zij kozen de componisten, onderhouden kontakt met hen, doen research naar repertoiremogelijkheden en adviseren over keuze van de musici.

MYRRH AND CINNAMON is onderdeel van Thinking Forward, het cultureel programma van Nederland tijdens het voorzitterschap van de Europese Unie 2004.
In 2007 maakt de voorstelling opnieuw een tournee in het kader van Dansclick. Tijdens deze serie wordt gebruik gemaakt van een muziekband. De voorstelling staat dan in één programma met het dansstuk 'More Day More Night' van de Spaanse choreografe Marta Reig Torres.

www.clubguyandroni.nl.

Concept en choreografie: Guy Weizman & Roni Haver * choreografische bijdragen en dans: Jens van Daele, Roni Haver, Päär Pärenson, Eva Puschendorf, Yvonne Weschke en Sara Wiktorowicz * viool: Barbara Lüneburg, Anna Mc Michael * contrabas: Wilmar de Visser, Pieter Smithuijsen * gitaar: Stefan Gerritsen * fluit: Anne La Berge * slagwerk: Marcel Andriessen * piano: Anita van Groningen à Stuling * decor: Ascon de Nijs * licht: Wil Frikken * kostuums: Roni Haver, Ascon de Nijs, Eva Puschendorf * muziekadviezen: Frits Selie (Prime) * dramaturgie: Veerle Van Overloop * techniek: Tuuk van der Tuuk, Wil Frikken.

Pers

recensie Münstersche Zeitung (duitstalig), 18-11-2004.
recensie Hannoversche Allgemeine Zeitung (duitstalig), 8-9-2005.
recensie Rotterdams Dagblad, 10-11-2004.





Data


2004
22-10
Grand Theatre Groningen
30-10
CaDance Festival Den Haag (première)
31-10
CaDance Festival Den Haag
1-11
CaDance Festival Den Haag
5-11
[NES]theaters Amsterdam
6-11
[NES]theaters Amsterdam
9-11
Lantaren/Venster Rotterdam
10-11
Lantaren/Venster Rotterdam
17-11
Theater im Pumpenhaus Münster
23-11
Harmonie Leeuwarden
25-11
Theater Kikker Utrecht
27-11
Schouwburg Amstelveen

2005
22-2
Kanuti Gildi Saal Talinn (EST)
23-2
Kanuti Gildi Saal Talinn (EST)
25-2
Sadamateater Tartu (EST)
26-2
Sadamateater Tartu (EST)
7-9
TANZtheaterINTERNATIONAL Hannover (D)
8-9
TANZtheaterINTERNATIONAL Braunschweig (D)

2007
7-3
De Lawei Drachten
9-3
Agnietenhof Tiel
10-3
Lochemse Schouwburg Lochem
14-3
Theaters Tilburg Tilburg
15-3
't Speelhuis Helmond
20-3
Goudse Schouwburg Gouda
21-3
't Park Hoorn
22-3
Zaantheater Zaandam
23-3
De Vest Alkmaar
28-3
De Maaspoort Venlo
29-3
Isala Theater Capelle a/d IJssel
30-3
De Veste Delft
4-4
Leidse Schouwburg Leiden
5-4
't Voorhuys Emmeloord
6-4
Schouwburg Almere
11-4
Verkadefabriek Den Bosch
12-4
Witte Theater IJmuiden
14-4
Schouwburg Kunstmin Dordrecht
18-4
Castellum Alphen a/d Rijn
19-4
Schouwburg Amphion Doetinchem
20-4
De Harmonie Leeuwarden
25-4
Schouwburg Arnhem
26-4
Podium Twente Enschede
27-4
Chassé Breda
28-4
De Verbeelding Purmerend


Curriculae


Sinds midden jaren tachtig heeft de muziek van Arvo Pärt (1935) een, voor levende componisten, ongekend succes. Werken als Passio, Fratres, en Tabula Rasa behoren tot de best verkochte klassieke muziek. Pärts klankwereld is die van het Gregoriaans, van de 'paralelle organa' van Leoninus en Perotinus uit de middeleeuwse muziek en van vroege renaissance componisten, waarbij Josquin Desprez zijn lieveling is. Een belangrijke drijfveer in het werk van Pärt is een religieuze; de schuldbelijdenis en het lijden der mensheid. Met componisten als Kantsjeli en Gorecki die een vergelijkbare eenvoudige structuur in hun muziek kennen, wordt hij daarom gerekend tot de voormannen van de zogenaamde 'nieuwe spirituele muziek'. Na een jarenlange herbezinning ("een zoektocht vol twijfel") schreef hij in 1976 het korte repetitieve pianowerk Für Alina, dat in de voorstelling met variatievorm wordt gespeeld, en veranderende zijn muziek daarmee fundamenteel. Hij begon de zogenaamde tintabulli (bel- of klok-) toe te passen waarin variaties van drieklanken. Pärt componeerde nadien een lange reeks composities waarbij verstilling, reductie van het materiaal en de behoefte aan 'verinnelijking' hoorbaar worden. In recente composities lijkt de Est zichzelf meer muzikale vrijheid te veroorloven dan in voorafgaande jaren. Ook deze stukken zijn echter opnieuw overtuigende bewijsstukken van Pärts unieke, door religieuze teksten geïnspireerde, componeren.

Het succes van Arvo Pärt heeft deuren geopend voor een aantal jongere collega's uit Estland. Na het vallen van het ijzeren gordijn hebben componisten als Lepo Sumera, Erkki-Sven Tüür en Märt-Matis Lill gretig naar internationale uitwisseling gezocht. Zij illustreren met kleurrijke muziek de vitale muziekcultuur in het Estland van nu. Lepo Sumera (1950-2000) nam een belangrijke positie in het Estische muziek leven in. Niet alleen gaf hij langdurig compositieles aan conservatorium van Tallinn, hij was ook opnameleider voor de Estische Radio en zelfs enige jaren Minister van Cultuur Sumera gebruikte in zijn muziek verschillende stijlen, in de jaren zeventig vooral vrije dodecaphonie, later werden zijn composites vaak diatonisch gekleurd. Hij was eén van de eerste componisten in zijn land die electronica toepaste en multi-media voorstellingen maakte. Piece from the Year 1981 voor piano is in een romantisch aandoende 'minimal' stijl geschreven en is van zijn meest bekenmde kamermuziekwerken.

Märt-Matis Lill (1975) was leerling van Sumera en volgde daarna onder meer masterclasses bij Louis Andriessen en Luca Francesconi. Hij studeerde tevens sinonologie, japanologie en filosofie. Lill is artistiek leider van een festival voor hedendaagse muziek in Pärnu. Hij schrijft in een elegante stijl met sensitieve, mystieke, atmosfeer. Recentelijk schreef hij muziek bij een aantal internatinaal succesvolle animatiefilms voor volwassenen. Voor Myrrh and Cinnamon bewerkt hij het electro-acoustische trio Spots of Fire in the Dark uit 2003 tot een 'soundscapeachtig ' quintet voor fluit, viool, contrabas, slagwerk en electronica.

Met zijn contrasrrijke en ritmische muziek is Erkki-Sven Tüür (1959) op dit moment, na Pärt, de meest succesvolle succesvolle componist van zijn land. In het begin van zijn muzikale loobaan was hij als zanger gitarist en fluitist leider van de alternatieve rockband 'In Spe'. Na privé-lessen bij ondermeer Lepo Sumera ontwikkelde hij zich schrijver van originele kamermuziekstukken en orkestcomposities. Recentelijk maakt hij hij furore met de opera Wallenberg en nam de Nederlandse violiste Isabele van Keulen zijn indrukwekkende vioolconcert op voor ECM. Het is moelijk Tüür's ongrijpbare muziek in algemene termen karakteriseren. Zijn stijl is voortdurend aan verandering onderhevig. Gegoriaanse muziek, barokstijlen, rock, en minimal mengen zich in zijn stukken. Drama voor fluit, viool en gitaar uit 1994 en Symbiosis (1996) voor viool en bas die in Myrrh and Cinnamon 'live' klinken zijn beide grillige stukken met veel dynamiek.