| english | deutsch | pers | data | curriculae | productie archief | programma archief |
|
Grand Theatre Producties Henk Kraayenzank en Javier López Piñón Chimaera Dialoog van de Amargo De Jongedame, de Matroos en de Student Scène van de Luitenant-Kolonel van de Guardia Civil Deze voorstelling presenteert, als locatievoorstelling in de benedenzaal van het Grand Theatre, vier (erg) korte toneelteksten van Federico Garcia Lorca (1898-1936). Dialoog van de Amargo en Scène van de Luitenant-Kolonel van de Guardia Civil werden gepubliceerd in de dichtbundel 'Poema del Cante Jondo'. De andere twee teksten zijn gebundeld in het verzameld toneelwerk.Hoewel de teksten werden geschreven in verschillende periodes, is toch steeds eenzelfde, herkenbare stem aan het woord. Soms spreekt die stem in raadsels en vermoedens zoals in de Dialoog, dan weer buldert hij in harde satire vermengd met pure poëzie, zoals in Scène ..., of in scherts zoals in Chimaera of probeert dezelfde stem het onzegbare te fluisteren, zoals in De Jongedame .... Deze teksten samen vormen het poëtisch universum van Garcia Lorca met zijn steeds terugkerende beelden en thema's. Op het oog een abstracte en hermetische wereld maar bij nader inzien wordt die abstractie bereikt door contrasterende situaties te combineren die op zich zelf alledaags, soms zelfs banaal zijn. Hij mengt bovendien schaamteloos uiteenlopende stijlen (poppenspel, filmkomedie en oude Spaanse poëzie) in een heel eigen montage tot een onmiskenbaar eigen wereld. In het maandprogramma van het Grand Theatre verscheen het volgende interview met de makers van de voorstelling. Jullie zijn respectievelijk een Groninger theatervormgever en een Haarlemmer operaregisseur. Waar kennen jullie elkaar eigenlijk van? Henk Kraayenzank: Van een kerstpanto bij de Voorziening. We zijn toen met elkaar in contact gebracht dor toenmalig Voorziening-leider Anton Smit. Javier had daarvoor 'Opera 45' (een Grandproductie) geregisseerd en daar kende Anton hem van. Dat was rond 1985. Die panto is toen trouwens niet doorgegaan. Javier López Piñón: Daarna hebben we samengewerkt bij 'Boeuf sur le Toit', het muziektheaterstuk van Jean Cocteau dat bij Academie Minerva werd gedaan. En we kennen elkaar echt wat beter sinds de schrijversworkshop 'Kill your darling' bij de Voorziening. HK: Sindsdien werken we heel regelmatig samen. Bijvoorbeeld bij opera's die Javier op het Conservatorium in Den Haag regisseert en vorig jaar augustus natuurlijk bij de voorstelling 'De architect en de keizer van Assyrië' in het Grand Theatre, waarin Javier samen met Matthijs Rümke acteerde. JLP: En nu zijn we onafscheidelijk. Je kunt binnenkort onze verlovingskaart in de bus verwachten. De architect en de keizer van Assyrië was de eerste in een serie van drie, waarin Henk Kraayenzank zijn eerste schreden op het kronkelige pad van de regiekunst zet. Vlak voor de zomer volgde nummer twee: Johnny Panic en de Dromenbijbel, gespeeld door Matthijs Rümke. Henk, hoe zie je het leerproces tot nu toe? HK: Bij de Architect heb ik heel spontaan gemaakt wat ik wilde maken. De spelers waren bij voorbaat gecommitteerd aan het werkproces; ze zijn zelf ook regisseur en hadden aan een half woord genoeg. Wat ik vooral heb geleerd over regisseren is dat je heel veel moet organiseren: het indelen van teksten en van het repetitieproces, ervoor zorgen dat spelers zich op hun gemak voelen maar ook uitgedaagd worden. Als vormgever heb je normaal gesproken gesprekken met de regisseur over het concept van de voorstelling en aan de hand daarvan kom je met voorstellen voor het decorontwerp. Als regisseur moet je het concept omzetten in concrete speladviezen. En dan nu Lorca. Hoe komen jullie bij die vier korte stukken? HK: Op zoek naar repertoire kwam ik bij Lorca's stukken 'Het publiek' en 'Als 5 jaar verstreken zijn'. Vooral dat laatste spreekt me heel erg aan maar het zou qua bezetting veel te groot worden om binnen het Grand-drieluik te passen. Toen kwam Javier met die korte stukken. Hij heeft ze ook vertaald en in de gesprekken die we erover hadden groeide heel organisch het idee om het ook samen te regisseren. In eerste instantie zouden jullie elk twee stukken regisseren en nog eentje samen. HK: Ja, dat was het resultaat van een raar gesprek over de werkverdeling die we meenden te moeten maken. Een dag later al waren we daar beide ontevreden over. Nu is de inzet van het project voor ons: samenwerking. Absoluut. JLP: Het coregisseren is voor mij heel belangrijk. Ik doe eigenlijk heel weinig toneel, ik vind het veel enger dan opera. Door in een coregie te werken, kun je je eigen zwakke plekken op het spoor komen. Want in de loop der jaren heb ik zowel wat betreft vormen als werkproces een eigen manier van werkenontwikkeld; die krijgt nu nieuwe impulsen. Hoe kun je de stijl van Lorca in deze stukken omschrijven? HK: Lorca maakt een hecht soort werk, hij schrijft toneel als poëzie. Daarbij zijn het toch heel sterke toneelteksten. JLP Je kunt het hermetische teksten noemen. Niet in de zin dat ze ontoegankelijk zijn maar in de zin dat ze een volledige eigen wereld scheppen, een poëtisch universum. In de teksten zitten meerdere lagen maar niet op een psychologisch niveau. Lorca zet zijn thema's in hevige, geladen metaforen. HK: Het gaat bij Lorca wel om de grote thema's: de positie van de kunstenaar in de wereld, angst voor de dood, etc. Gaan jullie de vier stukken nog naar goed modern gebruik door elkaar monteren? JLP: Nee, het wordt een bonte avond waarop de stukken gewoon achter elkaar gespeeld worden. HK: Het zijn heel verschillende stukken, de sfeer loopt uiteen van slapstick tot lyrisch toneel. In de aankleding zal wel enige Spaanse colour locale worden aangebracht, wat natuurlijk niet zal ontaarden in folklore. JLP: De eenheid binnen de vier stukken zit in de taal. Lorca's beeldentaal is behoorlijk geconcentreerd. HK: Alles wat Lorca geschreven heeft, is meteen ook 'typisch Lorca'. Je herkent het onmiddellijk als je het leest. Vertaling, regie en toneelbeeld: Henk Kraayenzank en Javier López Piñón * spel: Rietje Bijlholt, Frank Houtappels, Wigbert Schulte, Jan Verhoeven, Susan Visser * kostuums: Dorthee Mokkum * techniek: Liny Penders. Uit de pers voorverhaal Nieuwsblad v/h Noorden, 3-12-1993 recensie Nieuwsblad v/h Noorden, 8-12-1993 Data |
|
1993 |
||
| 7-12 | Grand Theatre | Groningen |
| 8-12 | Grand Theatre | Groningen |
| 9-12 | Grand Theatre | Groningen |
| 10-12 | Grand Theatre | Groningen |
| 11-12 | Grand Theatre | Groningen |